Liefde

Ik heb het niet zo gepland, maar ik had geen mooiere dag kunnen bedenken voor de afronding van mijn 40 blogs over ‘woordjeswoordjes’. Zoeter dan honing, sterker dan een leeuw, onvergankelijk, opwindend, vijftalig, goedzoekend, gift of God, het beste uit de serie geloof|hoop|liefde, bevrijdend, is…, meer dan sex, edeler dan lust (libido enzo), zo lust ik er nog wel eentje. Je begrijpt het al. Vandaag gaat alles over de liefde. Zo ik. Yeah!

Taalkundig hebben wij in het Nederlands van liefde een verzamelbak gemaakt. Het Grieks is dan net even wat handiger. Zij onderscheiden agape (gevende liefde), eros (lust), filia (vriendschap) en storge (genegenheid). Eigenlijk een beetje het zelfde met de term ‘evolutie’. Er zijn vele vormen van evolutie en er is al gauw verwarring bij zender en ontvanger als er over gecommuniceerd wordt. Daarnaast heeft liefde alles met taal te maken. Er zijn zelfs liefdestalen. De één denkt dan meteen aan het bed (lichamelijke aandacht), de ander meer aan een romantische bed & breakfast (samenzijn). Een derde ervaart liefde als manlief de vuilcontainer aan de weg zet (dienen). Nummer vier en vijf voelen zich geliefd als er ‘je bent een schat’ klinkt (positieve woorden) resp. als er een doosje chokola met een klein briefje op het kussen ligt (kadootjes). Gary Chapman heeft een heel boekje over volgeschreven over deze talen van de liefde.

Alfons Vansteenwegen, een Vlaamse sexuoloog en relatietherapeut die internationaal onderscheiden is vanwege zijn werk schreef in zijn boek ‘liefde aan het werk’ het volgende: ‘Daarnaast wil ik een positief antwoord geven op de huidige crisis in het samen leven. Velen voelen zich eenzaam, onvoldaan en onzeker bij hun partner. Meer dan ooit heerst het consumentisme, ook in relaties, waarbij de ander wordt ‘verbruikt’, misbruikt zelfs, om ‘eruit te halen wat erin zit’. Maar zo werkt het niet. Een relatie vraagt inzet, en beide partners zullen iets meer moeten geven dan ze ontvangen. Dit boek biedt een klein alternatief voor de materiële onverzadigbaarheid die ons omringt. We zoeken en vinden in ons leven tevredenheid. Partners willen én heel lang bij elkaar blijven én zichzelf blijven. Gevende liefde helpt daarbij, en die is aan de orde in onze dagelijkse omgang. Want zonder werk blijft liefde een (weliswaar mooi) woord’.

Een bekende denker zei eens ‘in een tijd van armoede is het lastig rijk te zijn’.[Klinkt beter dan ‘ik denk’, nietwaar? ;)]. Ik sluit me graag bij Alfons aan. We leven in een tijd waarin veel – en ook de liefde – in de consumptiehoek dreigt te raken. En kom er dan maar weer eens uit. Het vergt echt een wilsbeschikking om de rollen om te draaien. Om niet uit te zijn op het krijgen, bemachtigen, stillen, veroveren van liefde. Zelfs niet primair op het ontvangen van liefde. Maar primair op het geven van liefde, terwijl je daar geen tegenprestatie voor verlangt. Ik denk dat zo’n opstelling alleen mogelijk is als beide partners er zo in staan. En als je in je leven geleerd hebt wat het is om liefde te ontvangen. Want wat je niet hebt daarvan kun je ook niet uitdelen zonder in te teren. En als één van de partners om welke reden ook niet in staat is om te geven dan wordt het zwaar en is het ‘in een tijd van armoede lastig om rijk te zijn’.

Het leuke van liefde is overigens dat het zich niet alleen uitstrekt naar je partner en eventuele kids, maar vervolgens ook naar de omgeving. Het is leuk en warm om om te gaan met mensen van wie het ‘liefdestankje’ gevuld is. Rond dat soort mensen zit altijd de nodige buzz. Net als bij economische schaarste. En dat is niet gek, dat we verlangen naar de kruimels die van andermans tafel vallen.  Heerlijk als je zelf geen tafel hebt, maar door de kruimels van anderen je liefdestankje gevuld kan worden. Gevaarlijk als de kruimels van andermans tafel de plaats innemen van je eigen tafel. Mijn vader gebruikte in dit verband altijd een Latijns klinkende spreuk ‘principii opsta’ oftewel ‘wedersta het begin’. Merk je dat je gevoelens krijgt voor een ander dan je eigen vrouw, kap dan met die gevoelens. En als je christen bent, stuur die gedachten dan weg in de naam van Jezus.

Hoe algemeen ik deze blog ook wil houden om het behapbaar te houden voor een breed publiek, ‘liefde’ is voor mij toch onlosmakelijk verbonden met ‘God is liefde’. Ik weet en ervaar dat Hij mij liefheeft. God is primair degene die mijn liefdestank vult en me aanzet tot agape, de gevende liefde. 

De liefde blijft een boeiend verschijnsel. Leuk om te zien hoe mensen en dieren elk op hun manier omgaan met liefde. Fijn dat de liefde er is. Geniet van deze dag. En deel uit!

N.B. Ik hoop binnenkort verder te gaan met een serie van 40 column achtige blogs op kollum.wordpress.com. Be there!

Posted in Uncategorized | Leave a comment

TopErvaring

Onze taal kent veel verwevenheid, afhankelijkheid en verwijzing. Duale doorkijkjes zijn er erg veel. Ze roepen om erkenning en gebruik. En ze zijn heel nuttig voor denkexercities en mooie metaforen. Klaar voor?

Bij elke omweg hoort een weg. Elke revalidatie gaat vooraf door een valide, gezonde conditie. Herwaardering wijst naar verloren waarde. Het schepsel verwijst naar de Schepper. Depressie is het gevolg van pressie. Onderbouw suggereert bouw. Reactie volgt op actie. En bij elk antwoord verwacht je een vraag. Berin hoort bij beer en mannin bij man. De proloog gaat – behalve in de wielersport – vooraf aan de logos, het woord. Ontmoeten heeft naar mijn smaak te maken met stilstaan, dus niet meer ‘in motion’ zijn. En er is nog veel meer. Conclusie is samen sluiten en is dus rijker dan ‘close’, sluiten. En zijn jullie ook zo nieuwsgierig naar de betekenis van ‘computer’? Nou, die zal je nog verrassen. Het betekent ‘samen schoonmaken (viruscontrole), in het reine brengen (mooie sites zoals marriagecourse.nl en wordpress.com ;), berekenen (excel), taxeren (facebook)’. Klinkt goed.

En de top? Met de top kun je alle kanten op. De top betekent het einde van de klim. Genieten van het uitzicht dat bij de afdaling steeds meer vervaagt. Zowel letterlijk als figuurlijk. De top is de verbinding tussen stijgen en dalen. De verbinding tussen carrière en gepensioneerde uitbetaling. Je top voelen betekent die onbestemde tijd die zich uitstrekt van ‘bijna zijn’ via ‘nog’ naar ‘niet meer’. Een ontmoeting van de top betekent dat mensen die door zichzelf, door anderen of op wonderlijke manier bij elkaar gekomen zijn om te vertegenwoordigen, zichzelf en de anderen een mate van opwinding en macht bezorgen. Macht en opwinding, die ze niet hadden toen ze de dag ervoor vragen van man en kinderen beantwoordden. Macht en opwinding, die de dag erna zal ontmachten en afwinden in de vele vragen van de pers. Want er is veel persdrang rond de top.

We verlangen allemaal naar de top, toch? Welke ook. Totdat we de top bereikt hebben of de top ons bereikt heeft. Dan is bepalend hoe we er staan. En blijkt of we de juiste top bereikt hebben. Op de top blijkt of je de juiste uitrusting hebt meegenomen. Of je bestand bent tegen de kou en de ijle lucht. Of je geïnvesteerd hebt in gezelschap. Of je bestand bent tegen eenzaamheid en het gevaar van de desillusie. Hoe je om bent gegaan met het broze perspectief van eigen maakbaarheid. En of je geleerd hebt te genieten en te beseffen. Wat leven is.

Posted in Uncategorized | Leave a comment

Weglopen

Als je de Olympische sporters ziet ploegen door de sneeuw dan doet me dat denken aan de term ‘weglopen’. Je kunt het lopen wel vergeten dus. Weg. Het is er niet meer. Het enige wat je doet is langlaufen, goed Duits voor ‘langlopen’. Dat ‘lang’ zal dan wel staan voor die enorme stelten waar ze zich op voortbewegen. En op de tijd die het kost om op deze manier door de sneeuw te ploegen.

Mijn ski aspiraties zijn een stille dood gestorven toen ik na een morgentje babyskilift onder een ‘mwo, genoeg gekleuterd’ werd meegetroond naar de hoge piste. En er figuurlijk gebroken en letterlijk totaal gesloopt vandaan kwam. Dagen heb ik krom gelopen en aaahh’s geuit bij elke beweging. Daar leert het gezin geheimzinnig grinniken van. Laat mij maar ‘kurzlaufen’. En als dat nog niet bestaat: bij deze.!

Terug naar de eveneens Olympische sport ‘weglopen’. Maar dan de zomerspelen. Je ziet het ‘weglopen’ bij de marathon en alles wat daaraan verwant is. En taalkundig is het aardige aan ‘weglopen’ dat je ergens vandaan gaat. Je verwijdert van je bron, je beginpunt, je vertrekpunt. Net zoals velen hun opvoeding en nog veel meer dingen ‘achter zich laten’ en dat als bevrijdend ervaren of willen ervaren. Hoeveel mensen zijn er niet die hun hele leven op deze manier ‘weglopen’. Terwijl dat op zichzelf een reactief leven is, waarbij ze slechts bezig zijn met het negatief van hun bestemming. Een weinig opwindend levensdoel. Voor sommigen helaas het hoogst haalbare.

Voor Olympische spellers is bestemming het enige wat telt. Prachtig om die passie, toewijding, focus te zien. [N.B. Voor supporters hoop ik ook dat ze ‘bestemd’ zijn zodat ze de sporters wat kunnen aanmoedigen. Vermoeiend he, die associatieve neurose ;)] En dan nog iets waar ik aan moet denken als we het hebben over ‘weglopen’ en dat is het zwemmen. En preciezer: zwemster Ranomi Kromowidjojo. Prachtig om te zien hoe ze ‘wegliep’ van haar concurrentie. Geweldig hoe ze als een soort dolfijne zeemeermin de meters achter zich wegmaaide en daardoor de meters voor zich bekortte… op weg naar (jawel) het startblok. Dat gun ik ‘onze’ schaatsers ook: massaal weglopen!

Posted in Uncategorized | Leave a comment

WeerWinterWeer

De grote statements rond deze winter zijn: ‘wat winter’, ‘hoezo winter’ en ‘wie winter’

Wat winter. Geen sneeuw gezien hier in Noord-Holland. Het ijs bleek net niet dik genoeg om ons konijn te houden. Gelukkig zat hij dicht bij de kant en mankeert er niks aan zijn kniepezen… Maar verder lijkt deze winter het meest op een kruising tussen een late herfst (regen, wind, guur) en een vroeg voorjaar (krokussen, narcissen en andere bollekes). Toegegeven, het is af en toe wat kouder en ik heb twee keer moeten krabben. Eén keer aan mijn hoofd vanwege al die bacteriën die maar niet doodvriezen. En één keer de auto ivm een miniem vorstlaagje. Vandaar dat de meest vergaande vorm die we er uit kunnen persen ‘wat winter’ is.

Hoezo winter. De Nederlander zit in spagaat deze winter. Zijn ene hersenhelft heeft een hekel aan koud, vindt sneeuw maar griezelig en lastig en glad maar glad. Heeft het liefst dat deze donkere maanden zo snel mogelijk voorbij gaan. Van deze kant hoor ik ‘van mij hoeft het niet meer’. ‘Nee joh, de winter is voorbij’. ‘Lekker door naar de zomer’. ‘Kan mij niet snel genoeg voorbij gaan’. De andere hersenhelft kijkt koortsachtig wanneer het kwik omlaag gaat. Of er al geschaatst kan worden en of de Tocht der Tochten met een ‘it giet oan’ over elf vaderlandse sloten uitgestort kan worden. Van die kant hoor ik ‘Je weet maar nooit’. ‘In 19xx hadden we ook pas in maart sneeuw’. ‘De elfstendentocht in 19xx was ook pas eind februari’. Beiden hersenhelften komen bij elkaar in die ene opmerking ‘hoezo winter?’.

Wie winter. Who pays, who cares? Nou, deze winter wordt in ieder geval niet gewonnen door de schaatsenfabriek. En ook Unox mag straks massaal rookworsten in de aanbieding doen. Misschien krijgen we straks allemaal bij de ochtendkrant een rookworst bijgevoegd om er maar van af te komen. Doen! De tieners die onze mutsen en sjalen breien in bedompte kamertjes in Bangladesh en India kunnen het ook even wat rustiger aan doen. En de sneeuwschuivers die al maanden in de winkel te koop zijn kunnen terug naar het magazijn. Allemaal verliezers. Maar wie winter dan wel? Ja, dat is een lastige. De pakketdiensten misschien. Er kan meer gereden worden. En we bestellen wat af via internet. Ik zie dagelijks die anonieme bestelbusjes met hun anonieme pakjes rondrijden. Discreet zetten ze de auto pal voor mijn oprit zodat niemand ziet of het een goedkope doos van 12 of een duur kistje van 6 is. Per saldo komen de spullen dus sneller bij je thuis. Wie winter? Nou, wij allemaal dus. Althans, als je glas half vol zit…

Hoe ook, als deze winter één ding duidelijk wordt dan is het wel dat we het weer ontvangen zoals het tot ons komt. De pragmatische positivist ervaart een ‘weer gelukt’ omdat hij het weer in zijn (tijdelijke) voordeel heeft beïnvloed. En de pessimist constateert dat het weer niet gaat zoals hij wil en verzucht ‘weer niet gelukt’ ;).

Posted in Uncategorized | Leave a comment

сочи

Huh, сочи? Jawel, daar draait het momenteel allemaal om, maar wie weet dat? Welkom in de wondere wereld van de cyrillische taal.! сочи spreek je uit als sotsji. En de Russen maken er sochi van om ons tegemoet te komen. Want verder heet het plaatsje sinds mensenheugenis сочи. Toch veel mooier, zeg nou zelf!

Heb jij dat ook, dat je sotsji meteen associeert met hatsji en snotsji enzo? Koud klusje daar. Terecht dat de mannen gisteren alle drie de verhoging opzochten. Heb je nog een beetje warme voeten. Verder heb ik bij zo’n misterieuze kreet als ‘sochi’ en ‘sotsji’ altijd de neiging om voor elke letter een woord te maken. Toen ik er mee begon moest het dan meteen een cynisch toontje te hebben, maar die tijd ligt achter mij. Hoop ik. Hoop bieden en mooie dingen mooi noemen is beter. En kwetsbaarder. Een paar pogingen:

Sterkte, Olympisch Team! Straks Juich Ik!

Spannend Of China Holland Inpakt.

Sochi’s Opening; Chill Holland Internationals!

Smeekens, Onze Toffe Schaatser, Jakkert Intens.

Support Onze Twins, SMS; ‘Jongens, Inmaken’ !

 

Posted in Uncategorized | 1 Comment

ZondeVal

Op zoek naar bijzondere woorden stuiterde ik op ‘zondeval’. In de christelijke volksmond staat dat voor de val in zonde van de eerste mensen, Adam en Eva. Je kunt ook zeggen dat Adam en Eva in de val van de duivel zijn getrapt, de zonde-val. Maar ‘zondeval’ kan ook gelezen worden als de val van de zonde zelf. Juist doordat Adam en Eva er in trapten was dat het begin van Gods reddingsplan, namelijk dat Jezus de wereld zou redden.

Bijzondere woorden dus deze keer. Wat dacht je van Marsepein? Echt een mannenwoord. Het verwijst namelijk naar Mars-pijn als equivalent van Venuspijn. De pijn die je lijdt omdat je nou eenmaal man resp. vrouw bent. Bij sommigen gaat die pijn niet verder dan een knipje of een inscheuring, bij anderen is het een gevoel van existentiële bevreemding. Het gevoel dat je in de verkeerde jas geboren bent.

Axioma is ook een mooi woord. Het komt uit de wiskunde en staat voor de grondslagen van alles wat wij mensheid aan wiskundige wetmatigheden hebben gevonden. Bijvoorbeeld het axioma 1+1=2. Of het axioma Dick+Carolien=Carolien+Dick. Alleen al het idee dat op deze steentjes heel, heel veel gebouwd is. Maar ‘axioma’ staat voor mij ook voor de actie-oma. Je kent dat typetje wel. Heeft inmiddels kleinkinderen, maar je zou het niet zeggen. Goed figuur, speelt nog elke week tennis. En natuurlijk jaarlijks de Nijmeegse 4daagse…

Tenslotte het woord dichten. Klopt niet, maar komt meteen binnen. 😉 Dichten is openen. En gedicht is geopend. Een goede dag!

Posted in Uncategorized | Leave a comment

LiveLife

Rond de meest markante punten in ons leven zijn er een paar merkwaardige woordjes in onze taal geslopen. Waarschijnlijk heb ik het wel eens genoemd, maar een woord als ‘geboorte’ heeft voor mij weinig te maken met een pril warm roze begin van het leven. ‘Geboorte’ doet meer denken aan de tandarts. Of hooguit aan een kind dat met een puntige stormram het geboortekanaal uit wordt gelanceerd. Ik denk dat daar de term ‘inboorling’ ook vandaan komt. 😉 Maar laat ik je uit de brand helpen. ‘geboren’ is een soort van verleden tijd van ‘baren’. En dat betekent ‘dragen’ en ‘voortbrengen’. Ah, dan zijn we er. Want ‘voortbrengen’ klinkt een stuk rozer, toch?

Het volgende dingetje is ‘verjaardag’. Een wat pijnlijke term. Het herinnert je eraan dat je boom een extra jaarringetje krijgt. (enkel) in boomtermen wordt je dikker zeg maar. Verjaren is ook een juridische term die zoveel betekent als dat je recht vervalt na de verjaringstermijn. Allemaal wat sombertjes. Maar ‘geboortedag’, net als birthday en geburtstag klinkt ook niet handig zoals we net zagen. Ik denk dat ‘verjaardag’ een wel heel platte vertaling van ‘anniversaire’ is. Dat woord komt namelijk van het Latijnse ‘anniversarium’ en dat betekent zoveel als ‘jaarlijkse herdenking’. Dat is mooi hè, een jaarlijkse herdenking. Maar bedenk daar maar eens een Nederlands woord voor…

‘Verkering’ doet me denken aan de rotonde aan het begin van ons dorp. Ook een verkeerring. Het leuke van ‘verkering’ is dat er dus het woord ‘verkeer’ of ‘verkeren’ in zit en dat betekent ‘omgaan’. Primair wordt daarmee het figuurlijke aspect bedoeld. Je gaat met iemand om, brengt veel tijd met iemand door die je lief hebt. De knipoog is dat je voor haar omgaat, je voor haar valt, je capituleert bij het zien en ervaren van zoveel moois. Vlindertijd.

Dan gaan we naar ‘huwelijk’. Ook zo’n interessant woord. Ik denk dat we het woord ‘huwelijk’ nog het meeste gebruiken als we ‘afschuwelijk’ zeggen en helaas zijn die beide woorden voor veel mensen een combi geworden. Tijd voor www. marriagecourse.nl ! ‘Huwen’ betekent zoveel als ‘echtgenoten’ en ‘lijk’ komt van een woord dat ‘spel, dans’ betekent. Dus het huwelijk is een echtgenotenspel cq een echtgenotendans. Dus een uitnodiging voor meer spel en meer dans. Daar wordt het huwelijk leuk van!

Mja en dan het laatste stationnetje hier op aarde. ‘Uitvaart’ klinkt als een schip dat de haven uit gaat. ‘Sterven’ betekent eigenlijk alleen maar ‘stijf worden’. ‘Dood’ is een bijzonder woord. Het kan namelijk zowel als zelfstandig naamwoord (onze hamster is dood) als als bijvoeglijk naamwoord (een dood dier) gebruikt worden. Als kind leerde ik al dat ‘dood’ bij dieren en planten hoort. Dat komt waarschijnlijk doordat ‘dood’ niet meer en niet minder betekent dan ‘niet meer levend’. Bij een mens is dat te kaal en zeggen we liever ‘overlijden’. ‘Overlijden’ heeft iets in zich van dat het lijden over, voorbij, is. Maar ‘overlijden’ heeft een mooiere betekenis, namelijk ‘overgaan tot een ander leven’. Weer wat geleerd vandaag 😉

Posted in Uncategorized | Leave a comment